Naar de inhoud
Fiscasa

Fiscale woonplaats in Spanje: de 183-dagenregel en het centrum van uw belangen

Bijgewerkt op 27-10-2026 · 8 min leestijd

Veel Nederlandse en Belgische gepensioneerden brengen de winter in Spanje door. Wie de maanden optelt, komt soms dichter bij een half jaar dan gedacht. Dan rijst de vraag: wanneer bent u voor de Spaanse fiscus geen niet-ingezetene meer, maar een inwoner? Het antwoord bepaalt veel. Als niet-ingezetene betaalt u in Spanje alleen belasting op uw Spaanse inkomsten, zoals het fictieve inkomen van uw woning. Als inwoner wordt u in Spanje belast op uw wereldwijde inkomen. Deze gids zet de regels uiteen.

Drie criteria in de Spaanse wet

Artikel 9 van de Spaanse wet op de inkomstenbelasting (LIRPF) noemt u fiscaal inwoner als aan één van deze voorwaarden is voldaan:

  1. Meer dan 183 dagen in Spanje verblijven tijdens het kalenderjaar.
  2. Het centrum van uw economische belangen ligt in Spanje: daar zit de kern van uw activiteiten of inkomsten.
  3. Uw echtgenoot van wie u niet gescheiden bent en uw minderjarige kinderen wonen fiscaal in Spanje. Dit is een vermoeden: u mag aantonen dat het niet klopt.

Nationaliteit speelt geen rol. Een Nederlander kan Spaans inwoner zijn, een Spanjaard kan niet-ingezetene zijn.

De dagen tellen

De 183 dagen gelden per kalenderjaar, van 1 januari tot 31 december, niet per twaalf opeenvolgende maanden. Wie van november tot april in Spanje is, spreidt zijn verblijf dus over twee kalenderjaren.

Verblijfspatroon Dagen in Spanje per kalenderjaar Gevolg voor het dagencriterium
Drie zomermaanden Ongeveer 92 Ruim onder de grens
November tot en met maart Ongeveer 61 in het ene jaar, 90 in het andere Onder de grens
Januari tot en met juni Ongeveer 181 Gevaarlijk dicht bij de grens
Februari tot en met september Ongeveer 243 Boven de grens

Belangrijk: het overschrijden van 183 dagen is niet de enige manier om inwoner te worden, en onder de grens blijven is geen absolute garantie. Ook de andere criteria tellen.

Het centrum van economische belangen

Het tweede criterium kijkt naar waar uw geld vandaan komt en waar uw vermogen ligt. Een gepensioneerde met een Nederlands pensioen, een woning en spaargeld in Nederland heeft zijn economische belangen in Nederland, ook al staat er een appartement in Spanje. Anders wordt het wanneer u een onderneming in Spanje runt, het grootste deel van uw inkomen uit Spanje haalt of het grootste deel van uw vermogen daar hebt.

Dubbele woonplaats en het verdrag

Het kan gebeuren dat Spanje u als inwoner beschouwt en Nederland of België ook. Dan beslist het belastingverdrag tussen beide landen. Zulke verdragen werken met een reeks criteria in vaste volgorde, zoals de plaats van een duurzaam tehuis en het middelpunt van uw levensbelangen. Het land dat volgens het verdrag de woonstaat is, mag uw wereldwijde inkomen belasten; het andere land slechts bepaalde inkomsten.

Een verdrag toepassen vereist bewijs. Een verklaring van fiscale woonplaats van uw eigen belastingdienst is daarbij het belangrijkste stuk; lees hoe u die aanvraagt.

Welke bewijzen bewaart u?

Bij een discussie moet u kunnen aantonen waar u was en waar uw leven zich afspeelt. Bewaar daarom:

  • reisdocumenten: vlucht- of tickets, tolbonnen, tankfacturen;
  • uittreksels van uw Nederlandse of Belgische bankrekening met betalingen in uw woonland;
  • uw inschrijving bij de gemeente en uw zorgverzekering in uw woonland;
  • de aanslagen en aangiften van uw inkomstenbelasting in uw woonland;
  • energie- en waterverbruik in Spanje, die aantonen dat de woning een deel van het jaar leegstaat.

Wat betekent het voor uw Modelo 210?

Zolang u niet-ingezetene bent, doet u elk jaar een Modelo 210 voor uw Spaanse woning: een fictief inkomen van 1,1 % of 2 % van de kadastrale waarde, belast tegen 19 % als inwoner van de EU. Wordt u inwoner van Spanje, dan stopt die aangifte en geeft u uw inkomen in de Spaanse inkomstenbelasting (IRPF) aan. Dat verandert uw hele fiscale situatie: pensioen, spaargeld en beleggingen komen dan in beeld. Lees vooraf wat er verandert als u naar Spanje verhuist.

Twijfelt u of u ingezetene bent, lees dan ook hoe u weet of u inwoner of niet-ingezetene bent.

Nederland en België

Voor Nederland bepaalt de Belastingdienst naar de omstandigheden waar u woont, zonder vaste dagengrens. Voor België telt in de eerste plaats uw inschrijving in het rijksregister en de plaats waar uw gezin woont. Blijven uw band en uw inschrijving in uw woonland duidelijk, dan blijft u daar in de regel inwoner en in Spanje niet-ingezetene. Bij overwinteraars met lange verblijven is het verstandig om dat jaarlijks na te gaan.

Als niet-ingezetene blijft het fiscale verhaal voor uw woning beperkt. In Nederland valt de woning in box 3, met voorkoming van dubbele belasting via de vrijstellingsmethode; in België is het Spaanse inkomen vrijgesteld met progressievoorbehoud. De jaarlijkse Spaanse aangifte kunt u laten voorbereiden; zie de tarieven van Fiscasa.

FAQ

Word ik automatisch Spaans inwoner na 183 dagen?

Spanje beschouwt u dan in principe als fiscaal inwoner. Woont u volgens uw eigen land ook daar, dan beslist het belastingverdrag welk land uw woonstaat is.

Tellen de 183 dagen per kalenderjaar of per twaalf maanden?

Per kalenderjaar, van 1 januari tot 31 december. Een winter van november tot maart wordt over twee jaren verdeeld.

Kan ik inwoner zijn van Spanje met minder dan 183 dagen?

Ja, als het centrum van uw economische belangen in Spanje ligt, of als uw echtgenoot en minderjarige kinderen er fiscaal wonen en u dat vermoeden niet weerlegt.

Moet ik de Modelo 210 blijven indienen als ik inwoner word?

Nee. Als Spaans inwoner valt uw woning onder de gewone Spaanse inkomstenbelasting en niet meer onder de belasting voor niet-ingezetenen.

Dien uw Modelo 210 in binnen 10 minuten

Gratis berekening, prijs per huishouden, adviseur in uw taal.

Bereken mijn belasting